Meer bewegen met zittend beroep – hoe doe je dat?

Geplaatst door Robert Half 18/07/2018

Bijna de helft van de 18- tot en met 64-jarige Nederlanders voldoet aan de Beweegrichtlijnen 2017, zo blijkt uit het Beweegrichtlijnen-rapport van het RIVM. Maar van diegenen met een zittend beroep haalt slechts een op de drie deze norm. Medewerkers hechten daarom steeds meer waarde aan een aangename werkplek, waarbij meer focus ligt op gezondheid en dus beweging. Werk aan de winkel dus! Alleen hoe zorg je voor meer beweging? Volg deze zes tips.

1. Alternatieven voor bureaustoel

Deskbikes, zitballen, statafels in vergaderruimtes – tegenwoordig kun je het zo gek niet bedenken of je ziet ze staan op kantoor. Deze ‘actieve werkplekken’ zijn goede alternatieven voor bureaustoelen en zorgen ervoor dat je automatisch al meer beweegt. Uiteraard geldt ook voor actieve werkplekken: afwisselen! Acht uur lang dezelfde houding is niet goed.

2. Wandelen of sporten met werk

Tijdens de lunchpauze zie je vaak een groepje collega’s wandelen, na werktijd hardlopen of bootcampen. Tussendoor doen sommige bedrijven aan yoga. Of het nu tijdens werktijd is of erna en of er een eigen bijdrage wordt gevraagd of niet, voor elke groep medewerkers en elk budget (dus ook geen budget) is er wel een goede sportieve oplossing te bedenken. Werknemers vinden het zelf erg fijn, maar ook voor de werkgevers biedt het voordelen. Want wie tussendoor even beweegt, is erna veel productiever. 

3. Al zittend bewegen

Is bewegen of sporten op het werk geen optie? Ook achter je bureau kun je onopvallend aan je lichaam werken. Zo zijn er verschillende oefeningen om vanaf je eigen werkplek te doen. Strek bijvoorbeeld je been uit, span deze aan, houd het een minuut vast en laat deze vervolgens weer langzaam zakken. Wissel dit steeds af met je andere been. Of span je buikspieren of billen wisselend aan. Ondertussen werk je gewoon verder aan je plan, pleeg je een telefoontje of typ je verder aan je mail.

4. Elkaar stimuleren

Soms hebben mensen een klein duwtje in de rug nodig. Medewerkers kunnen elkaar stimuleren om meer te bewegen. Zo kunnen ze stoppen met koffie en thee mee te nemen voor anderen, zodat iedereen voor zichzelf moet lopen. Algemene mails die iedereen moet lezen ophangen op een informatiebord of keukenkastje, zodat medewerkers deze ook staand van papier kunnen lezen in plaats van zittend achter hun scherm. Of een ‘wie-beweegt-het-meest-wedstrijdje’ opzetten en de score bijhouden via apps. Ook werkgevers kunnen iets doen. Bijvoorbeeld een periodieke bewegingscursus laten geven of een -coach instellen. 

5. Timer instellen

Lukt het je zelf niet om te blijven bewegen en is elkaar stimuleren ook geen succes? Stel dan een alarm of timer in. Zo kun je elk uur minstens een keer even opstaan, kleine rek- en strekoefeningen, ‘planken’ of krachtoefeningen doen. Daag elkaar uit. Het gaat er vooral om dat je uit de werkhouding komt en dat je spieren doorbloed raken.

6. Gedragsverandering

Het allerbelangrijkst is dat iedereen zelf ook moet realiseren meer te moeten bewegen. Probeer voortaan dus zelf je eigen koffie te halen, loop altijd naar een toilet dat niet om de hoek zit, maar iets verder weg en loop naar collega’s toe in plaats van ze te bellen (en als je belt, loop dan een rondje), appen of mailen. Neem de trap in plaats van de lift, vergader lopend. Als je die kleine dingen al doorvoert, beweeg je op je werkdag onopgemerkt al veel meer.

Meer blogposts...